Met enige regelmaat haal ik voor mijn vrouw een halfje bruin bij de Friesche bakker. Dat is op zich een prettige en lichte wandeling. Ik doe die in de ochtend want de kans is groot dat ’s middags haar type bruin is uitverkocht. Dat is fijn voor de Friesche bakker maar niet voor mijn vrouw. De wandeling zelf is er een die soms tot weemoed leidt. Het bepaalt me er bijvoorbeeld bij dat ik met pensioen ben. Ik zie studenten naar college lopen of fietsen, ik zie mensen gehaast fietsen in de richting van het station. Zij moeten iets doen, zij willen iets worden, zij hebben een doel. Mijn doelen zijn nog maar beperkt, al is statistisch gesproken de kans groot dat ik nog wel 20 jaar voor de boeg heb. Landelijk en over de jaren gerekend. Daarin is echter niet meegenomen dat ik aan de Morsweg woon, dus waarschijnlijk is mijn kans daarop kleiner. De Morsweg, de weg door het moeras en vroeger ook wel de kleiweg geheten, is tegenwoordig een wat riskante weg. Om twee redenen. De eerste is dat zij eigenlijk te smal is voor auto’s en fietsers in twee rijrichtingen. Dat kan je vaststellen aan de hand van de krassen en butsen op je geparkeerde auto, die bevinden zich ter hoogte van de trappers. Daarom rijden fietsers vaak op de stoep. Dat alles kan makkelijk tot een ongeval leiden en bekort de levensverwachting. De tweede is dat deze weg is uitverkoren tot een doorgaande route, zij is een onderdeel van een soort ring rond Leiden. Dat levert een ochtendspits en een avondspits op, mede dank zij een stoplichtsysteem bij de Rhijnzichtbrug. Zeker het begrip ‘avond’ moet men ruim zien. De avond begint hier meestal rond half vier in de middag. Het is daarom dat dit een erg ongezonde weg is, een die de levensverwachting eveneens bekort. Buiten deze tijden is het overigens een rustige weg en dat is dan weer het voordeel van iemand die met pensioen is, dat hij dat mag meemaken.

Mijn wandeling roept niet alleen maar weemoed op. Ik loop langs het sociaal pension van stichting De Binnenvest. Ik was op de opening al weer enige tijd terug en was verrast door de blijdschap die de bewoners uitstraalden; het zijn prima buren. En er gebeurt meer dan in de tijd dat de marechaussee er zat en zeker meer dan in de tijd dat die er niet meer zat. Het is er levendig. Ook zie ik vaak een ochtendploeg de stad ingaan om straatvuil weg te halen, en dat is erg prettig. Ik heb wel een bedenking. Die ploeg gaat vanuit  de Binnenvest vrijwel altijd direct linksaf, richting centrum, en niet naar rechts of naar de overzijde van de Morsweg. Naar de reden van deze routine kan ik slechts gissen. Is onze wijk zo schoon dat de ploeg daar te snel klaar is? Zou het?

Dan volgt de parkeergarage. Ik heb met anderen tegen de komst ervan gestreden en een van mijn punten was: of hij staat leeg en dan is het zonde van het geld, of hij staat vol en dan is het een bron van onveiligheid (verkeer en milieu). In beide gevallen kan het ook nog een aantrekkelijke plek voor ongenode gasten zijn. Ik moet bekennen dat de garage mij qua schoonheid is meegevallen, al blijft het jammer dat de gekleurde netten plots ophouden bij het Morspad. Dat zou nodig zijn voor de frisse lucht, en dat vind ik een gotspe. De grote winst die is bereikt, een overzichtelijk terrein en de oplossing van het parkeerprobleem lijkt me niet het gevolg te zijn van de garage op zich. Die garage staat voor het grootste deel leeg, met uitzondering dan van 2 en 3 oktober. De ambtenaren hadden het hun bestuurders al voorgerekend dat Leiden aan de randen parkeerplaatsen te over heeft. Nee, ik vermoed dat  de komst van het parkeerregime (betaald parkeren) en de herstructurering van het parkeerterrein en zijn omgeving de factoren zijn geweest die maken dat er nu prettiger is dan ervoor. Beide waren ook zonder garage mogelijk geweest. De garage staat en is nu ’s nachts vooral een baken van licht, al zullen de bewoners van de overzijde en van de Binnenvest dat waarschijnlijk minder waarderen.

Ik steek de tijdelijke pontonbrug over, waarop het verboden is te fietsen. Ik weet niet of dat een verstandig verbod is. De ponton is goed aangepast aan de Morsweg zelf want niet al te breed,en een voetganger met een fiets naast zich neemt twee maal zoveel ruimte in als een voetganger op een fiets. Elkaar passeren wordt dan een kwestie van empathie. Ik maak mij wel zorgen over het herstel van de ophaalbrug. De ponton staat er sinds pakweg 3 maart en drie weken later kan men al slijtageplekken zien en wiebelende planken voelen. Dat duidt niet op degelijk werk.

Dan loop ik door de Morspoort en langs de oude kazerne van het vierde Rijnlandse regiment, waar de weemoed weerkeert. Mijn grootvader zaliger was daar als soldaat-schrijver in de periode 1914-1918 gelegerd. Hij vertelde mij ooit dat sommige soldaten extra verlof nodig hadden om thuis te helpen bij het werk, bijvoorbeeld boerenzonen bij de oogst. Hij moest die aanvragen behandelen en zijn mede-soldaten riepen dan zijn hulp in. Hij had ontdekt dat zijn meerdere, de kapitein die over de verlofbriefjes ging, alleen de eerste vier of vijf aanvragen van het stapeltje controleerde. Dus stopte opa die riskante aanvragen daaronder. Bureaucratische routines hebben zo hun voordelen. Hij heeft er overigens in de Tweede Wereldoorlog onverwacht profijt van gehad. Op zoek naar aardappelen fietste hij bij diverse boeren het erf op. Een herkende opa als degene die hem dertig jaar eerder van verlof had voorzien. In ruil kreeg opa nu aardappelen.

Lange-Houte-Brug, gravure anno 1763 van N. van der Meer
Lange-Houte-Brug, gravure anno 1763 van N. van der Meer

De route naar de Friesche bakker voert over de ophaalbrug, de Rembrandtsbrug. Vroeger was daar een brug die kennelijk de lange houten brug heette. Bijgaande gravure biedt vanaf die brug een zicht op de Rijn in westelijke richting; aan de rechterkant is nog een stukje van de molen van Rembrandt en wat verderop van het buiten Oranjelust te zien. Molen, buiten en brug zijn afgebroken. Ik meen eens ergens te hebben gelezen dat de huidige brug eigenlijk elders in Leiden had moeten staan, dat zij is verwisseld met een andere brug. Mij doet deze brug denken aan de Magere Brug in Amsterdam en als geboren Amsterdammer doet het mij goed dat deze om de hoek is.

Hier stop ik, want ik verlaat nu echt Transvaal. Dat stemt niet tot weemoed, en zeker niet omdat ik er binnen tien minuten weer  terug zal komen. Met een halfje bruin.

Charonides, 31 maart 2015

Door Bestuur WTL

Bestuur van de wijkvereniging Transvaal Leiden.